End of Oak Street kostte 80 miljoen dollar, opende met 20

De dinosaurusfilm met Anne Hathaway en Ewan McGregor haalt goede recensies, maar strandt in Noord-Amerika op een opening van zo'n 20 miljoen dollar — en Warner Bros. kan die klap slecht gebruiken.

End of Oak Street kostte 80 miljoen dollar, opende met 20

End of Oak Street moest het zomerseizoen van Warner Bros. rechttrekken, maar de dinosaurusfilm met Anne Hathaway en Ewan McGregor blijft in Noord-Amerika steken op een openingsweekend van ongeveer 20 miljoen dollar. De film kostte ruim 80 miljoen dollar om te maken, marketing niet meegerekend. Dat is geen ramp van historische omvang, maar het is wel de zoveelste tegenvaller op rij voor de studio.

Het gekke is: de film is niet afgebrand. Ruim 80 procent van de critici op Rotten Tomatoes is positief, het publiek zit daar met bijna 80 procent vlak onder, en op de exitpolls van CinemaScore kreeg de film een B. FilmTotaal hield het op 2,5 ster en noemde de uitvoering zwakker dan het idee. Kortom, iedereen vond er iets van, maar bijna niemand kwam kijken.

Voor Nederlandse bioscoopbezoekers is dat relevanter dan het lijkt. Dit is precies het type film — origineel verhaal, groot budget, geen bestaand merk — waarvan studio's zeggen dat ze er te weinig van maken. Als zo'n film met goede recensies alsnog blijft liggen, krijgt de rekenmachine in Hollywood weer even gelijk.

Wat er dit weekend op de teller stond

De film startte donderdagavond met 2,5 miljoen dollar aan previews. Vrijdag stond de teller op 8,1 miljoen dollar, inclusief die previews, verspreid over 3.446 zalen. Daaruit rolde een weekendprognose van rond de 20 miljoen. Volgens Variety hield Spider-Man: Brand New Day in zijn derde weekend gewoon de eerste plek vast met zo'n 19 miljoen dollar.

Pijnlijker is de vergelijking iets verderop in de lijst. PAW Patrol: The Dino Movie van Paramount haalde vrijdag 7,35 miljoen uit 3.545 zalen en koerst eveneens op ongeveer 20 miljoen af. Twee dinosaurusfilms, hetzelfde weekend, vrijwel hetzelfde bedrag — alleen kostte die met de pratende puppy's een fractie van de andere.

Goede recensies, matige opkomst — hoe kan dat?

Er is niet één verklaring, maar de patronen zijn herkenbaar voor iedereen die het kaartverkoop-nieuws een beetje volgt. Drie dingen werkten hier tegen elkaar in.

Een origineel idee zonder merknaam

De premisse — een Amerikaanse buitenwijk uit de jaren tachtig die plots in een prehistorische wereld belandt — is precies wat mensen zeggen te willen. Alleen koopt niemand een kaartje voor een premisse die hij nog nooit heeft gezien. Regisseur David Robert Mitchell brak door met de horrorhit It Follows uit 2014, maar dat is geen naam die op zichzelf zalen vult.

De titel verklapt de dino's niet

End of Oak Street klinkt als een sober drama over een straat die verdwijnt. Producent Bad Robot van J.J. Abrams staat bekend om het achterhouden van de clou, en dat werkt prima als je publiek al binnen zit. In een zomerweekend waarin mensen in vijf seconden een poster scannen, is een titel die niets belooft simpelweg een handicap.

Een familiefilm op exact dezelfde dag

Een deel van het gezinspubliek dat "iets met dinosaurussen" zocht, koos de veilige optie: geen carnivoren die kinderen opjagen, wel een animatiefilm van anderhalf uur. Dat de twee films elkaar zo dicht naderen in opbrengst, zegt vooral iets over wie er in augustus daadwerkelijk kaartjes koopt.

End of Oak Street kostte 80 miljoen dollar, opende met 20

Waarom End of Oak Street zo hard aankomt bij Warner Bros.

Deze opening staat niet op zichzelf. Volgens TheWrap opende geen enkele Warner-release dit jaar boven de 40 miljoen dollar, en daalde de bioscoopomzet van de studio in het laatste kwartaalrapport met 46 procent ten opzichte van een jaar eerder. Titels als The Bride! en Supergirl bleven achter bij de verwachting; Wuthering Heights was met 241 miljoen dollar wereldwijd zo'n beetje de uitzondering.

Een studio kan één misser hebben. Een heel jaar zonder een enkele grote start verandert de gesprekken binnenshuis: minder groen licht voor originele films, meer sequels en bekende titels. Dat is de echte prijs van een weekend als dit.

Wat 20 miljoen dollar eigenlijk voorstelt

Omgerekend gaat het om grofweg 18 miljoen euro, oftewel ruwweg twee miljoen verkochte kaartjes in Noord-Amerika. Klinkt als veel. Zet het naast de kosten en het beeld kantelt: de vuistregel in de branche is dat een film ongeveer tweeënhalf keer zijn productiebudget wereldwijd moet ophalen om quitte te spelen, omdat bioscopen ongeveer de helft van de opbrengst houden en marketing er nog bovenop komt.

Met een budget van boven de 80 miljoen dollar betekent dat een wereldwijd doel richting de 200 miljoen dollar. Vanaf 20 miljoen in het openingsweekend is dat geen kansloze klim, maar wel een die volledig afhangt van mond-tot-mondreclame en van hoe de film het buiten de Verenigde Staten doet.

Wat er nu met de film gebeurt

Een B van CinemaScore is netjes maar geen liefdesverklaring: films met die score houden doorgaans redelijk stand, zonder het soort staart dat een tegenvallende start alsnog goedmaakt. De tweede weekendcijfers zijn dus het echte oordeel. Zakt de film minder dan de helft, dan leeft hij nog; gaat hij harder onderuit, dan is het verhaal geschreven.

Let de komende weken op twee dingen. Ten eerste de internationale cijfers — Europa en Azië moeten hier het grootste deel van het werk doen, dus de Nederlandse en Duitse weekendlijsten zijn deze keer meer dan een voetnoot. Ten tweede hoe snel de film richting HBO Max schuift; wordt dat opvallend vlot, dan heeft Warner het theatrale avontuur intern al afgeschreven. Wie hem op groot doek wil zien, kan dat maar beter niet uitstellen.